Perspektiev

Ik ben verder gekomen dan ik ooit had gedacht

“Ik ben Byron, 33 jaar. Ik woon bij Perspektiev. Ik heb een Wlz-indicatie en kan hier blijven, maar ik verlang naar een eigen plek in de wijk. Helemaal zelfstandig.

Mijn leven begon niet eenvoudig. Ik ben geboren in Suriname en als driejarige peuter geadopteerd door Nederlandse ouders. Mijn biologische moeder overleed. In therapie heb ik veel gewerkt aan mijn adoptie. Hoe gek het ook klinkt: ik heb de liefde van mijn biologische  moeder altijd gevoeld. Alsof ze mij een beter leven gunde.

 

Ik ben verder gekomen dan ik ooit had gedacht

“Ik ben Byron, 33 jaar. Ik woon bij Perspektiev. Ik heb een Wlz-indicatie en kan hier blijven, maar ik verlang naar een eigen plek in de wijk. Helemaal zelfstandig.

Mijn leven begon niet eenvoudig. Ik ben geboren in Suriname en als driejarige peuter geadopteerd door Nederlandse ouders. Mijn biologische moeder overleed. In therapie heb ik veel gewerkt aan mijn adoptie. Hoe gek het ook klinkt: ik heb de liefde van mijn biologische  moeder altijd gevoeld. Alsof ze mij een beter leven gunde.

Een pittige start

In mijn jeugd gebeurde er veel. De scheiding van mijn ouders, spanningen thuis, mijn zoektocht naar mijn identiteit. Als kind wist ik al dat er iets niet klopte. Op mijn 23e ben ik in transitie gegaan. Hormonen veranderden mijn buitenkant. Mijn binnenkant bleef dezelfde: gevoelig, sterk en met soms een scherp randje.  

Ik kon vroeger heel boos worden. Er zat veel opgekropte pijn. Sinds ik uit huis ben, is het contact met mijn adoptiemoeder juist beter geworden. Nu ik ouder ben, begrijp ik haar keuzes. Ze wilde hulp voor mij, omdat ze zag dat ik het nodig had. 

Werken met het hart 

Ik werk nu zeven jaar met mensen met dementie. Dat is mijn passie. Ik begon via dagbesteding. Ik dacht eerlijk gezegd dat ik nooit een vaste baan zou krijgen. Theorie is voor mij lastig doordat ik hersenschade heb opgelopen tijdens de zwangerschap. Dat zie je niet aan mij, maar leren en rekenen kosten mij veel moeite. 

In de praktijk ben ik sterk. Ik voel mensen goed aan. Ik help bewoners bij het ontbijt, maak kamers schoon en doe boodschappen met ze. Voor hen is het verpleeghuis het laatste station. Het is geen feest om daar te komen. Ik probeer hen een warm bad te geven, tot het kaarsje uitgaat. 

Leren voelen 

Therapie heeft mij veel gebracht. EMDR, creatieve therapie, maar vooral paardentherapie. Paarden spiegelen je zonder oordeel. Ze voelen wat jij zelf nog niet kunt benoemen. Ik kon altijd wel praten over mijn gevoelens, maar kwam niet bij mijn diepste laag. Via de paarden lukte dat wel. 

Ik had veel last van verlatingsangst. Dan werd ik boos, jaloers en explosief. Nu begrijp ik waar dat vandaan komt. Ik leer dat als iemand voor mij kiest, dat echt is. Dat ik dat niet hoef te testen. 

Blijven staan 

Vroeger was ik snel driftig tegen begeleiders. Het mooie is dat zij door dat gedrag heen kijken. Dat ze de angst zien en blijven staan. Dat heeft mij geholpen om zelf ook te blijven staan. 

Ik weet niet precies waar ik over vijf jaar sta. Misschien werk ik nog steeds met ouderen. Misschien met jongeren die, net als ik, uit een moeilijke situatie komen. Wat ik wel weet: ik ben verder gekomen dan ik ooit had gedacht.”