Wat ik niet kan zeggen, teken ik
Mila is 26 jaar en woont in Zwolle. Ze heeft een kamer in de stad en krijgt begeleiding van Perspektiev. Dit is haar verhaal.
“Op mijn 18e ben ik uit huis gegaan. Thuis was het met vier kinderen erg druk. Daarom was ik veel weg. Toen mijn ouders merkten dat ik mezelf beschadigde, vonden ze het beter dat ik ergens ging wonen waar ik meer hulp kon krijgen. Eerst wilde ik dat niet. Toch ben ik ervoor gegaan, omdat ik hoopte dat het dan beter met me zou gaan.”

Wat ik niet kan zeggen, teken ik
Mila is 26 jaar en woont in Zwolle. Ze heeft een kamer in de stad en krijgt begeleiding van Perspektiev. Dit is haar verhaal.
“Op mijn 18e ben ik uit huis gegaan. Thuis was het met vier kinderen erg druk. Daarom was ik veel weg. Toen mijn ouders merkten dat ik mezelf beschadigde, vonden ze het beter dat ik ergens ging wonen waar ik meer hulp kon krijgen. Eerst wilde ik dat niet. Toch ben ik ervoor gegaan, omdat ik hoopte dat het dan beter met me zou gaan.”

Van beschermd naar begeleid wonen
“Ik kwam terecht bij Perspektiev in Wapenveld. Dat was een instelling met grote groepen. Daar kreeg ik de diagnoses PTSS en een angststoornis. Na een paar jaar kon ik doorgroeien naar beschermd wonen in Zwolle.
In Zwolle leerde ik beter voor mezelf zorgen en stap voor stap zelfstandiger worden. Een half jaar geleden verhuisde ik naar een kamer in de stad. Ik woon nu begeleid in een huis waar ook andere jongeren van Perspektievwonen, samen met mensen die hier een kamer huren. Die keuze is voor mij gemaakt, niet met mij. Dat vind ik nog steeds lastig.
Het verschil tussen beschermd en begeleid wonen is groot. In mijn vorige huis was er dag en nacht een woonbegeleider aanwezig. Er was veel structuur. We lunchten elke dag samen en ik moest minimaal vier keer per week met de groep mee eten. Dat was belangrijk voor mij, omdat ik een eetstoornis heb. Nu ik zelfstandiger woon, is het omgaan met eten ingewikkelder.”
Als structuur wegvalt
“Dat geldt ook voor de dissociaties die ik heb. Daarbij raak ik het contact met de realiteit kwijt en sta ik als het ware buiten mezelf. In zo’n moment beschadig ik mezelf veel ernstiger dan wanneer ik mezelf ben. Tijdens het beschermd wonen hielp een woonbegeleider mij om erbij te blijven, bijvoorbeeld met een geur onder mijn neus. Nu probeer ik de dissociaties te voorkomen door altijd een geur bij me te hebben. Vaak lukt dat, soms ook niet.
Mijn begeleider is echt een topper. Hij komt elke werkdag langs en doet veel voor mij. Maar hij is wel een man. Door mijn trauma’s heb ik een afkeer van mannen. Dat maakt het voor mij moeilijk om me echt open te stellen. Dat maakt praten extra lastig. Praten over gevoelens vind ik sowieso moeilijk.”

Wat ik niet kan zeggen, teken ik
“Mijn gevoelens uit ik in mijn tekeningen. Elke dag teken ik hoe ik me voel. In mijn tekeningen zie je het verschil tussen de buitenwereld en mijn binnenwereld. Hoe mensen mij zien en hoe ik mij echt voel. De zachte kant en de beschadigde kant. Mijn dissociaties, angsten, flashbacks en nachtmerries kan ik in mijn tekeningen kwijt.”
Wat ik niet kan zeggen, teken ik
“Mijn gevoelens uit ik in mijn tekeningen. Elke dag teken ik hoe ik me voel. In mijn tekeningen zie je het verschil tussen de buitenwereld en mijn binnenwereld. Hoe mensen mij zien en hoe ik mij echt voel. De zachte kant en de beschadigde kant. Mijn dissociaties, angsten, flashbacks en nachtmerries kan ik in mijn tekeningen kwijt.”


Voorzichtig vooruitkijken
“Op dit moment doe ik vrijwilligerswerk bij een opvanghuis voor vrouwen en kinderen die te maken hebben met huiselijk geweld. Ik doe leuke dingen met de kinderen, zoals samen spelen, puzzelen of naar de kinderboerderij gaan. Dat werk past goed bij mij.
Later wil ik graag werken met kinderen en jongeren in groepen. Door mijn eigen achtergrond begrijp ik goed wat zij nodig hebben. Om dat werk te kunnen doen, wil ik de opleiding Social Work volgen. Nu is dat nog te vroeg. Ik kan die opleiding nog niet combineren met de traumatherapie die ik volg. Als de therapie aanslaat en ik steviger op mijn benen sta, ga ik die stap zetten. Voor de toekomst droom ik van een huis, met kinderen, misschien met een man, en een baan in de jeugdhulpverlening.”
We delen dit verhaal met toestemming. De naam is veranderd om de privacy te beschermen.

